De conferentie vormt het sluitstuk van een meerjarig onderzoeksproject van EU-OSHA, dat liep van 2022 tot 2026. Dit project richtte zich op arbeidsomstandigheden in de zorg en welzijnssector. De aanleiding voor het onderzoek was de groeiende zorg dat medewerkers in deze sector met uitzonderlijk hoge arbeidsrisico’s worden geconfronteerd terwijl de vraag naar medewerkers toeneemt. Denk daarbij aan de toenemende vergrijzing, de ervaringen tijdens de COVID-19 pandemie en het hoge aantal arbeidsongevallen en gezondheidsklachten.
Psychosociale belasting kernprobleem in zorg en welzijnssector
Het onderzoek had als doel om een beter beeld te krijgen van de belangrijkste arbeidsrisico’s, de relatie tussen arbeidsomstandigheden en de gezondheid van medewerkers en de manier waarop organisaties arbeidsveiligheid en gezondheid organiseren. Uit het onderzoek komt psychosociale belasting als kernprobleem naar voren. Agressie en ongewenst gedrag, werkdruk en emotionele belasting maakt de sector één van de hoogste risicosectoren van Europa. Daarnaast hebben medewerkers te maken met een hoge mate van fysieke en ergonomische belasting. Het valt op dat deze vaak tegelijk voorkomen. Een opeenstapeling hiervan vergroot de kans op gezondheidsproblemen. Verder spelen bredere ontwikkelingen mee, zoals de vergrijzing van patiënten én professionals, druk op de zorgstelsels door personeelstekorten en toenemende digitalisering.
De Nederlandse arbeidsmarkt in zorg en welzijn
De bevindingen van EU-OSHA sluiten nauw aan bij het Nederlandse arbobeleid. Nederland beschouwt psychosociale arbeidsbelasting al jaren als een van de belangrijkste arbeidsrisico’s. Uit onderzoek van de Nederlandse arbeidsinspectie blijkt dat 43 – 49% van de verzorgenden en verpleegkundigen een hoge werkdruk ervaart, en 53- 67% extern ongewenst gedrag ervaart. Ook viel op dat zelfs 70% van de verzorgenden en verpleegkundigen fysieke belasting ervaart tegenover het landelijk gemiddelde van 41%.
EU-OSHA doet verschillende aanbevelingen waarover de experts in november in gesprek gaan. Zij pleiten voor een integraal risicomanagement al volwaardig onderdeel van het arbobeleid, verminderen van de werkdruk, verbeteren van de personele bezetting, versterken van preventie en vergroten van de betrokkenheid van medewerkers bij het veiligheidsbeleid en verbetermaatregelen.
Ook de SER gaat hierop in binnen het advies ‘Waardevol werk: publieke dienstverlening onder druk’(2023). Zij benoemen in het advies dat de uitvoering van publieke taken onder druk staat door de aanhoudende arbeidsmarktkrapte, de toename van vergrijzing, verzuim en uitstroom, de toename van de complexiteit en werkdruk en de stapeling regelgeving en beleid. Betere (sectorale) samenwerking en meer samenhang en continuïteit tussen beleid en uitvoering in de praktijk zijn belangrijk om de druk op deze taken te verminderen.
De onderzoeksresultaten en adviezen laten zien dat de Nederlandse zorg en welzijnssector de arbeidsmarktkrapte niet kan oplossen zonder tegelijkertijd de arbeidsveiligheid, gezondheid en duurzame inzetbaarheid van werknemers te verbeteren. Het maakt duidelijk dat de toekomst van zorg en welzijn niet alleen afhangt van opleidingscapaciteit en arbeidsmarktbeleid. Minstens zo belangrijk is het vermogen van organisaties om medewerkers gezond, veilig en met plezier te laten werken. Investeren in arbeidsveiligheid en gezondheid is daarmee niet alleen een sociale verantwoordelijkheid, maar ook een noodzakelijke strategie voor een toekomstbestendige publieke dienstverlening.
Programma en verwachte opbrengsten
Tijdens de tweedaagse conferentie presenteren onder meer EU-OSHA, Eurofound, Panteia en Notus hun onderzoeksresultaten. Daarna volgen bijdragen van Europese sociale partners uit de ziekenhuis-, thuiszorg- en welzijnssector. Een van de agendapunten op de eerste dag is ‘Healthy Healthcare’, over de samenhang tussen arbeidsomstandigheden, kwaliteit van zorg en organisatiecultuur.
Op de tweede dag staat groepswerk centraal. De circa vijftig deelnemende experts gaan dan met elkaar in gesprek over kennisleemtes, beleidsimplicaties en mogelijke vervolgstappen. De opbrengsten worden gebundeld in een openbaar adviesrapport.
Eén Nederlandse stem aan tafel
Per lidstaat neemt één vertegenwoordiger deel aan de conferentie in november (volgens de uitnodiging van EU-OSHA). Van deze vertegenwoordiger wordt verwacht dat zij goed op de hoogte is van de stand van zaken en kennis heeft over gezondheid en veiligheid in de zorgsector én van de prioriteiten en zorgen van sociale partners in eigen land. EU-OSHA vraagt lidstaten daarom nadrukkelijk om de afvaardiging vooraf af te stemmen met het nationale tripartiete netwerk, bestaande uit de overheid, werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties.
Dit thema sluit nauw aan bij het werk van Linda van der Marel en bij de expertise die het CAOP de afgelopen jaren heeft opgebouwd rond sociale veiligheid, integriteit en veilig werken. Van der Marel brengt ruime Nederlandse praktijkkennis mee. Als voormalig verpleegkundige, adviseur veilig en gezond werken en programmamanager van Veiligezorg heeft zij zowel veel kennis en expertise als ook praktijkervaring opgebouwd. Ze werkt nauw samen met sociale partners, bestuurders en medewerkers van de ziekenhuizen, umc’s, VVT en GGZ die, met financiering vanuit de arbeidsmarktfondsen, sectoraal samenwerken aan sociale veiligheid op de werkvloer. Van der Marel: “In het programma Veiligezorg staat de aanpak van agressie, grensoverschrijdend gedrag en onveilige teamculturen centraal door te werken aan zichtbaar leiderschap, een gedeelde taal, duidelijke afspraken en verankering in beleid. Sociale veiligheid vormt als psychosociaal risico een belangrijk thema binnen de EU-OSHA-conferentie. Dat maakt deze Nederlandse kennis extra waardevol voor het Europese gesprek.”
Door vooraf afstemming op te zoeken met het tripartiete netwerk neemt Van der Marel niet alleen haar eigen kennis mee tijdens deze conferentie, maar ook de brede visie en de aanbevelingen van Nederland op dit thema. “Ik zie dat in Nederlands onderzoek en de gesprekken met het netwerk vooral het belang van preventiegericht samenwerken naar voren komt. Door aandacht te hebben voor de uitvoering en borging van de risicoanalyses kun je verbetermaatregelen inzetten om tot preventie te komen. Daarbij is het echt belangrijk om als zorg en welzijnssector aandacht te hebben voor de uitvoering en borging van deze maatregelen. Ik kijk ernaar uit om in gesprek te gaan met experts uit andere landen zodat we van elkaar kunnen leren en elkaar Europa-breed kunnen versterken.“
Meer weten?
Na de conferentie volgt een artikel waarin we ingaan op de opgehaalde opbrengsten van de conferentie en hoe dit verder wordt meegenomen binnen Europa. Daarnaast gaan we dieper in op de vraag welke aanbevelingen gedaan kunnen worden richting de maatschappelijke opgave om de arbeidsomstandigheden en gezondheid van medewerkers binnen de zorg en welzijn sector in Nederland te kunnen bevorderen. Volg de ontwikkelingen op de voet via de maandelijkse CAOP nieuwsbrief.