Meer samenhang in activiteiten en doelen
De ontwikkeling van het meerjarenprogramma begon met een gezamenlijke verkenning met het bestuur van het fonds en adviseurs van CAOP. In interactieve werksessies verkenden zij welke ontwikkelingen het werk van rijksambtenaren de komende jaren het meest zullen beïnvloeden. Daaruit kwamen thema’s naar voren zoals ambtelijk vakmanschap in verandering, mobiliteit en sociale veiligheid, samenwerking tussen organisaties en tussen ambtenaren en burgers, digitalisering en kunstmatige intelligentie. Bestuursleden verkenden samen wat dit betekent voor het werk binnen het Rijk en welke rol het fonds daarin kan spelen.
Vanuit die verkenning kijkt het fonds nu nadrukkelijker naar de vraag welke activiteiten kunnen bijdragen aan verandering in de praktijk. “Het gaat niet alleen om het organiseren van een goede bijeenkomst of interventie,” zegt Nabben. “De vraag is vooral: wat willen we op langere termijn bereiken en hoe kunnen activiteiten elkaar daarin versterken?”
Daarbij werkt het fonds met een zogeheten theory of change. Vooraf wordt expliciet nagedacht over wat activiteiten moeten opleveren en hoe deze kunnen bijdragen aan professionalisering, toekomstbestendigheid, samenwerking en werkplezier binnen het Rijk. Een interventie staat daarmee niet op zichzelf, maar maakt onderdeel uit van een bredere ontwikkeling.
Sociale innovatie als leidraad
Een belangrijk uitgangspunt in het meerjarenprogramma is sociale innovatie: nieuwe manieren waarop medewerkers, leidinggevenden en organisaties binnen het Rijk samen leren, samenwerken en omgaan met veranderingen in hun werk én in de relatie met de samenleving. Dat betekent ook dat het fonds breder kijkt dan traditionele trainingen of cursussen, maar juist ook naar andere vormen om onderwerpen bespreekbaar te maken. “Soms zit de meerwaarde juist in het creëren van gesprek, reflectie en ontmoeting”, vertelt Nabben. Zo kan een theatervoorstelling over kunstmatige intelligentie (AI) aanleiding zijn voor gesprekken tussen medewerkers en leidinggevenden over wat AI betekent voor hun werk, professionele ruimte en samenwerking. Het doel is daarbij niet alleen individuele medewerkers te ondersteunen, maar ook organisaties binnen het Rijk te helpen om met deze ontwikkelingen om te gaan.
Ook bijeenkomsten waarin medewerkers uit verschillende organisaties ervaringen uitwisselen, kunnen bijdragen aan nieuwe inzichten en andere manieren van werken. “Veel ontwikkelingen binnen het Rijk vragen om ruimte voor professionaliteit en responsiviteit van rijkambtenaren,” zegt Nabben. “Dat ontstaat niet vanzelf. Daar moet je samen over blijven praten en durven experimenteren.”
Werken als een lerende organisatie
Het werken met een meerjarenprogramma vraagt niet alleen iets van de activiteiten van het fonds, maar ook van de organisatie zelf. Zowel het bestuur als het bureau willen de komende jaren sterker inzetten op een lerende manier van werken. Dat betekent regelmatig stilstaan bij vragen als: dragen activiteiten nog bij aan de opgave waar het fonds voor staat? Wat leren we van de praktijk? En welke aanpassingen zijn nodig?
Deze aanpak vraagt om reflectie, maar ook om de bereidheid om keuzes te maken. “Een lerende manier van werken betekent ook dat je durft te stoppen met dingen die minder goed werken,” zegt Nabben. “Zodat er ruimte ontstaat voor nieuwe initiatieven.”