Volgens Arpa is de taakzwaarte van politieke ambtsdragers in de afgelopen vijftien jaar significant toegenomen. Maatschappelijke vraagstukken zijn complexer geworden, de verwachtingen van burgers zijn hoger en de persoonlijke druk op ambtsdragers is verder toegenomen. ‘Politieke ambten zijn zwaar, waardevol en essentieel. Daar horen arbeidsvoorwaarden bij die dat weerspiegelen,’ stelt het adviescollege. Het advies werd op 10 februari aangeboden aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Toegenomen taakzwaarte en werklast
Arpa wijst op meerdere ontwikkelingen die onvoldoende zijn doorvertaald naar de rechtspositie van politieke ambtsdragers:
- Groeiende complexiteit van het werk: politieke ambtsdragers opereren in een omgeving waarin maatschappelijke opgaven ingewikkelder worden en bestuurlijke eisen toenemen.
- Effecten van decentralisaties: taken zijn verschoven naar gemeenten en waterschappen, wat heeft geleid tot een hogere werklast en nieuwe bestuurlijke verantwoordelijkheden.
- Persoonlijke belasting: toenemende zichtbaarheid, maatschappelijke druk en een hoger afbreukrisico maken het ambt ook persoonlijk zwaarder.
- Doorwerking van werknemersregelingen: bepaalde ontwikkelingen in cao’s en arbeidsvoorwaarden voor werknemers zijn niet altijd doorvertaald naar de rechtspositie van politieke ambtsdragers, terwijl dat wel passend zou zijn geweest.
Voor veel decentrale volksvertegenwoordigers blijkt bovendien dat de vergoeding uit het ambt onvoldoende compensatie biedt voor het (gedeeltelijk) wegvallen van inkomsten uit de hoofdfunctie.
Advies: inhaalslag in arbeidsvoorwaarden
Het adviescollege concludeert dat het huidige stelsel van arbeidsvoorwaarden niet meer goed aansluit bij de bestuurlijke praktijk. Arpa adviseert daarom een inhaalslag, onder meer via:
- Een geleidelijke verhoging van beloningen in drie jaar tijd
- Betere regelingen voor opleiding en ontwikkeling
- Meer aandacht voor verlof en vervanging
- Modernisering van regelingen rond arbeidsongeschiktheid, ontslag en pensioen
Daarnaast pleit Arpa voor aanvullende aanpassingen, zoals een eenduidige indexatie van vergoedingen, invoering van een individueel keuzebudget (IKB) en verbeteringen rond kinderopvang en rechtsbijstand bij integriteitskwesties. Het college benadrukt dat wijzigingen zo moeten worden ingevoerd dat politieke ambtsdragers nooit besluiten kunnen nemen die henzelf direct financieel bevoordelen. Kamerleden en bewindspersonen besluiten dus niet over hun eigen beloning maar over de arbeidsvoorwaarden van hun opvolgers, na verkiezingen.
Diversiteit en aantrekkelijkheid van het ambt
Met de voorstellen wil Arpa bijdragen aan een meer diverse instroom van bestuurders en volksvertegenwoordigers. Ook moet worden voorkomen dat het aanvaarden van een politiek ambt gepaard gaat met onevenredige persoonlijke of financiële risico’s, bijvoorbeeld na een gedwongen vertrek.
Rol van CAOP
CAOP vervult voor het Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers een onafhankelijke ondersteunende rol. Dat doen we door het secretariaat te verzorgen en expertise aan te reiken die het college helpt bij de voorbereiding van zijn adviezen. De inhoudelijke afwegingen en conclusies liggen volledig bij het Adviescollege zelf. “Dit traject laat mooi zien hoe de verschillende expertises binnen CAOP samenkomen,” aldus een betrokken onderzoeker. “Secretariaat, bureauondersteuning, onderzoek en juridische kennis — juist die mix stelt ons in staat om het proces zorgvuldig te ondersteunen, zonder zelf onderdeel te zijn van de besluitvorming”.
Voor dit advies is gebruikgemaakt van uitgebreid literatuuronderzoek en een onderliggende kennisbasis waarin ontwikkelingen in de bestuurlijke context, arbeidswetgeving en beloningsverhoudingen zijn geanalyseerd.