Dat is de centrale conclusie van het onderzoek ‘Een kwestie van lange adem: historische analyse van het beleid op het terrein van het lerarentekort’. Het onderzoek is uitgevoerd door CAOP en het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), in opdracht van de commissie OCW van de Tweede Kamer, en brengt in kaart welke beleidskeuzes zijn gemaakt en welke lessen daaruit te trekken zijn.
Aanhoudende tekorten vragen om koersvast beleid
In oktober 2025 bedroeg het lerarentekort in het primair onderwijs 5.760 fte en in het voortgezet onderwijs 2.220 fte bij de vervulling van reguliere banen en langdurige vervangingen. Prognoses laten zien dat deze tekorten de komende jaren aanhouden, met regionale verschillen in het primair onderwijs en verschillen naar vak in het voortgezet onderwijs.
“Het lerarentekort is geen probleem dat met één maatregel kan worden opgelost,” zegt onafhankelijk onderzoeker Marc van der Meer. “Onze analyse laat zien dat beleid uit het verleden langdurig doorwerkt. Juist daarom is het belangrijk om koersvast te blijven en beleid in samenhang te ontwikkelen.”
Samenhang en context bepalend
Voor het onderzoek zijn ruim 70 beleidsmaatregelen onderzocht, evenals de onderlinge samenhang van beleid en de invloed van economische en maatschappelijke ontwikkelingen op de onderwijsarbeidsmarkt. Factoren als de conjunctuur, deeltijdvoorkeuren, loopbaanmogelijkheden en het imago van het beroep blijken mede bepalend voor het aanbod van leraren en daarmee voor het succes van beleid. Ook zijn deelstudies gemaakt van de loonvorming, de lerarenopleiding, de onderwijsregio en de vorming van de beroepsgroep.
“Wat dit onderzoek anders maakt, is dat we nadrukkelijk kijken naar de context waarin beleid ontstaat,” aldus onderzoeker Ruud van der Aa. “De economie en maatschappelijke ontwikkelingen hebben grote invloed op het aanbod van leraren. Vervolgens ontstaan interactie-effecten tussen het functioneren van de beroepsgroep, het imago van het beroep, de instroom in de lerarenopleiding en de kwaliteit van het onderwijs. Dat moet je meenemen als je het beleid effectief wilt maken.”
Langdurige effecten van beleid
De analyse laat zien dat beleidsmaatregelen uit het verleden langdurige effecten hebben gehad op de arbeidsmarkt. Zo werkten arbeidsvoorwaarden in de jaren ‘80 nog jarenlang door in de aantrekkelijkheid van het beroep. Pas in recente jaren, mede na grootschalige protestacties door ‘PO in Actie’, is een kentering zichtbaar in de arbeidsvoorwaarden voor leraren in het primair en voortgezet onderwijs. Tegelijkertijd blijkt dat een sterke focus op instroom alleen onvoldoende is om lerarentekorten op te lossen. Naast instroombevordering is blijvende aandacht nodig voor behoud van personeel, professionele ontwikkeling en loopbaanmogelijkheden.
Terugkerende patronen in beleid
Opvallend is dat het lerarenvraagstuk periodiek opnieuw wordt onderzocht. De laatste 30 jaar is iedere zeven jaar weer een nieuwe commissie benoemd. De onderzoekers wijzen erop dat veel inzichten uit de Commissie van Es uit 1993 of de Commissie Rinnooy Kan (2007) ook vandaag nog actueel zijn.
Volgens Van der Meer ligt het probleem dan ook niet zozeer in het ontbreken van kennis, maar in de uitvoering. ‘Het beleid stapelt zich op, maar de uitvoering blijft achter. Zo zijn lerarentekorten ongelijk verdeeld over scholen. Sommige scholen hebben nauwelijks problemen, terwijl andere grote tekorten kennen. Dit roept de belangrijke vraag op in hoeverre leraren mobiel zijn en scholen in de stad of in de regio elkaars problemen gezamenlijk kunnen oplossen.’
Op landelijk niveau zijn meerdere pogingen om het beroep sterker te organiseren gestrand. Initiatieven zoals een lerarenregister en een landelijke beroepsorganisatie kwamen niet van de grond. Ook de commissie-Zevenbergen, die de bevoegdhedenstructuur moest herzien, liep vast. Tegelijk staan de lerarenopleidingen onder druk, onder meer door lage rendementen en de landelijke ontevredenheid over de kwaliteit van nieuwe cohorten leraren. Van der Aa: ‘De laatste loot aan de stam is de onderwijsregio, die is geïntroduceerd als een nieuw niveau van besluitvorming, waar schoolbesturen en lerarenopleidingen met elkaar afspraken kunnen maken over de professionalisering van leraren. Of dat lukt zal nog moeten blijken.’
Fundamentele veranderingsopdracht
Om de lerarentekorten toekomstbestendiger aan te pakken, pleiten de onderzoekers voor een fundamentele veranderingsopdracht voor de onderwijsarbeidsmarkt, gebaseerd op drie uitgangspunten:
- koersvast beleid met consistente lange termijndoelen;
- integrale aansturing vanuit één samenhangende visie;
- autonomie in de uitvoering, waarbij leraren, schoolleiders en opleidingen mede-eigenaar zijn.
Volgens de onderzoekers vraagt het terugdringen van het lerarentekort vooral om een lange adem en om beleid dat niet alleen reageert op acute problemen, maar structureel en samenhangend wordt vormgegeven.
Rapport downloaden
Download het volledige rapport via de knop hieronder en bekijk de toelichting op het rapport op de website van de Tweede Kamer.